donderdag 21 maart 2024

Hulpmiddelen voor het vinden van de juiste balans in de meditatie


Meditatie kan worden vergeleken met het stemmen van een snaar: niet te strak, maar ook niet te los.

Het is de bedoeling om gedurende de sessie één focuspunt te kiezen en daarbij te blijven. Af en toe controleren of je nog in de juiste balans bent kan hierbij helpen. Als dat niet het geval is, corrigeer je tot je weer in balans bent, zodat je effectiever kunt blijven bij het gekozen focuspunt.

Steunpunten

Uiterlijk: 

een voorwerp voor je, zoals een kaars of boeddhabeeldje, of de lichte aanraking van de duimen

Innerlijk: 

de ademhaling

De geest zelf: 

alles wat in de geest opkomt laten komen en gaan zonder oordeel en zonder erbij betrokken te raken (=geen specifiek focuspunt)


Hieronder vind je een verzameling tips & tricks vanuit verschillende boeddhistische meditatietradities.


Controles

Houding: 

opgetrokken schouders duiden op te veel spanning, terwijl ingezakte schouders te ontspannen zijn

Duimen: 

te veel druk of omhoog duwen duidt op te veel spanning, als ze naar beneden zakken en/of loskomen ben je te ontspannen

Ogen: 

als je ze lichtjes openhoudt (zie verder) en je voelt ze dichtvallen, dan weet je dat je te ontspannen bent en slaperig wordt

Ademhaling: 

hoog en snel ademen wijst op te veel spanning

Correcties

Als je aan de hand van bovenstaande controles merkt dat je ofwel te gespannen bent ofwel te ontspannen, dan kun je met behulp van onderstaande methodes corrigeren totdat je de juiste balans weer hebt bereikt. Op die manier kun je weer moeiteloos bij het gekozen focuspunt blijven.

Houding:

Aanbevolen houding: 

rechtop zitten, rug recht, schouders ontspannen

Te gespannen: 

ontspan je schouders en leun eventueel kort en subtiel naar voren (overgeven aan ontspanning)

Te ontspannen: 

rechtop zitten, rug recht en eventueel kort en subtiel naar achteren leunen (alertheid vergroten)

Ogen:

Aanbevolen houding: 

ogen lichtjes openhouden, halfopen, blik naar beneden gericht, ongeveer 45 graden

Te gespannen: 

je ogen even nog meer naar beneden richten of even sluiten

Te ontspannen: 

ogen openhouden en blik even iets omhoog richten

Ademhaling:

Aanbevolen ademhaling: 

natuurlijke ademhaling zonder in te grijpen of te sturen

Te gespannen: 

geef iets meer aandacht aan de uitademing, adem de uitademing even iets langzamer uit

Te ontspannen: 

geef iets meer aandacht aan de inademing, adem even iets dieper en langzamer in, haal verse lucht binnen en scherp je helderheid aan

Handen/duimen:

Aanbevolen houding:

laat je handen rusten op je schoot, rechterhand op de linkerhand, duimen raken elkaar zachtjes 

Te slaperig: 

tik even goed met je duimen tegen elkaar (tip van Lama Zeupa)


Let wel, het gaat hierboven over correcties, die je even toepast als ze nodig zijn. Als je merkt dat je ze te lang moet aanhouden om jezelf wakker te krijgen bijvoorbeeld, is het misschien beter om eerst voldoende uit te rusten en dan verder te gaan met de meditatie. Als je merkt dat je ze te lang moet aanhouden om ontspannen te geraken, is het misschien beter eerst wat fysieke oefeningen te doen of yoga, zodat je op die manier wat spanning kwijtraakt en dan pas terug de meditatie te hervatten. Immers, het doel van de meditatie is om de juiste balans te vinden en daar te verblijven. Als je merkt dat je even uit balans raakt, kan je bovenstaande methodes gebruiken om even terug te corrigeren, om daarna weer op een natuurlijke wijze te kunnen verblijven bij het gekozen object.

zondag 17 maart 2024

Onze lichaamshouding in meditatie

Als we mediteren is de positionering van lichaam en geest belangrijk. We hebben vorige maandag nog es stilgestaan bij de lichaamshouding die we best aannemen tijdens de meditatie. Want als we regelmatig mediteren, hebben we de neiging om daar wat nonchalanter mee om te gaan. Het valt vooral op als we mediteren al zittend op een stoel.  De onderrug nestelt zich tegen de leuning van de stoel, waardoor hij wat doorzakt. De voeten of benen zijn gekruist of rusten op een kussen in plaats van op de grond, enz. 

De juiste lichamelijke houding aannemen heeft wel degelijk zijn belang. Want ons lichaam is verbonden met onze geest. Bij een correcte lichaamshouding komen alle subtiele energiekanalen open. Daardoor kan de subtiele energie of prana vrij door ons lichaam stromen en wordt onze geest automatisch rustiger. De ademhaling verloopt dan ook natuurlijk, spontaan en zonder geluid. 

Het is belangrijk dat we ons lichaam leren ontspannen maar toch alert blijven. Daarom worden er in de klassieke teksten 7 raadgevingen gegeven. 




1. Als we op de grond zitten : liefst met gekruiste benen (lotus of halve lotus). Zitten als een piramide, waarbij het zitvlak en de knieën een driehoek vormen en fungeren als een ondersteunde basis,  waaruit het makkelijker is om een rechte rug aan te houden. Als we op een stoel zitten : benen naast elkaar, voeten plat op de grond en niet doorzakken tegen de leuning van de stoel. Als je liggend mediteert, kan je makkelijk wegzakken of in slaap vallen. Geef dan wat extra aandacht aan het alert blijven.

2. De rug is recht als een pijl. De wervels zijn uitgelijnd als gestapelde munten.

3. Het hoofd hou je in het verlengde van de ruggengraat, alsof het via een draad naar boven wordt getrokken. De kin zakt dan automatisch lichtjes naar beneden. 

4. De tong laten rusten tegen het gehemelte. Dat vermindert ook de vorming van speeksel.

5. Schouders zijn laag, ontspannen, als de vleugels van een arend. Ze worden iets naar achteren getrokken, om het openen van de borstkas te bevorderen. Zo is er meer plaats en zuurstof voor de longen.

6. De handen komen samen, ongeveer vier vingerbreedtes onder de navel (de bron van innerlijke warmte), ter hoogte van de schoot. De linkerhandpalm palm ondersteunt de rechterhand. De duimen raken elkaar lichtjes aan. 

7. De ogen rusten halfopen op een punt voor ons in de ruimte, bijv. op de top van de neus. In vele tradities doet men de ogen dicht, vooral in het begin, om makkelijker te ontspannen en minder afleiding te hebben. We zien zelf wat we aankunnen, wat onze mogelijkheden zijn. Zie het als een variatie, eerder dan een contradictie : we kunnen kiezen.

Let wel. Het gaat hier om raadgevingen. Het zijn geen absolute standpunten. We kunnen ermee experimenteren en zelf ervaren wat het beste voor ons werkt. Het is de bedoeling dat we tot een volledige ontspannen, maar toch alerte houding komen. 

Voor mensen met fysieke pijnen en ongemakken is de houding in zeven punten soms een uitdaging. In het algemeen geldt dat je in een houding moet mediteren die voor jou goed voelt en waarin je niet steeds wordt afgeleid door een pijnlijk of gespannen lichaamsonderdeel. Als dat inhoudt dat je in een andere houding dan de standaardhouding mediteert, dan is dat zo. Mediteren met pijnlijke onderdelen kan voor afleiding zorgen. Hierdoor kan je je concentratie verliezen wat niet ten goede komt aan de meditatie. Dan kan je beter je houding aanpassen, dan door te blijven gaan in de standaardhouding. Natuurlijk moet je wel eerst uitproberen wat mogelijk is en wat niet. Je moet niet meteen alle zeven punten van de houding over boord gooien.