woensdag 29 januari 2025

Vergankelijkheid en niet-zelf


Vergankelijkheid (anicca) en niet-zelf (anattā)

De boeddhistische concepten van vergankelijkheid (anicca) en niet-zelf(anattā) zijn moeilijk te begrijpen omdat ze haaks staan op onze geconditioneerde manier van denken.

Mensen hebben de neiging om zichzelf en de wereld om hen heen te beschouwen als stabiel en blijvend. Dit gevoel van continuïteit biedt een zekere mate van veiligheid en houvast. Het idee dat alles vergankelijk is, inclusief ons lichaam, onze gedachten en gevoelens, druist in tegen deze instinctieve behoefte aan zekerheid. We klampen ons vast aan wat bekend en vertrouwd is, zelfs als dat uiteindelijk verandert of verdwijnt.

Het concept van anattā, dat stelt dat er geen vast, blijvend zelf is, is nog moeilijker te bevatten. Mensen identificeren zich sterk met hun lichaam, gewaarwordingen/gevoelens, percepties, sankhara's en bewustzijn, wat de illusie van een 'ik' creëert. De Boeddha leerde echter dat deze componenten allemaal veranderlijk en afhankelijk zijn van oorzaken en omstandigheden. Het idee dat er geen onveranderlijke kern of ziel bestaat, roept gevoelens van onzekerheid en angst op, omdat het direct raakt aan onze diepste overtuigingen over wie of wat we zijn.

Daarnaast speelt taal een rol in het onbegrip. Taal is opgebouwd rond concepten van identiteit en eigendom, wat het moeilijk maakt om een wereldbeeld te omarmen waarin deze constructies fundamenteel 'leeg' zijn.

Hierdoor is het lastig om anicca en anattā niet alleen intellectueel te begrijpen, maar ook werkelijk te ervaren en in het dagelijks leven te integreren. Deze concepten vragen om een directe, ervaringsgerichte wijsheid die de gebruikelijke mentale gewoonten overstijgt, wat tijd, veel beoefening en diep inzicht vergt.


woensdag 22 januari 2025

Hoe groter de ijsklomp...



Hoe groter de ijsklomp, des te meer water er vrijkomt als hij smelt.
(Taisen Deshimaru)


Kort

Denk niet dat je niet kunt mediteren. 'Mislukte' meditaties maken deel uit van het proces.


Iets langer

Taisen Deshimaru (1914-1982) was een van de Japanse zen-pioniers in het Westen. Deze uitspraak komt rechtstreeks uit de praktijk.


Vaak lijkt het alsof je praktijk helemaal niet werkt. Alsof je maar blijft botsen op dezelfde idiote valkuilen waarvan je had gehoopt er allang vanaf te zijn geraakt.  Of je hoort anderen wel over 'heldere en serene' meditaties spreken, maar jouw meditatie lijkt meer op een drukke kermis. Of je valt meer in slaap dan dat je ontwaakt. Dan kan zo'n eenvoudig zinnetje als dat van Deshimaru je bijstaan.

Ja, we hebben allemaal innerlijke ijsklompen – dingen die vast lijken te zitten en maar niet willen smelten. Bij iedereen zijn dat andere ijsklompen. Om de eenvoudige reden dat iedereen een andere wolk van interacties is. Het is dan ook onmogelijk om je eigen praktijk te vergelijken met die van een ander. Het is belangrijk om het proces te vertrouwen. Je praktijk verwarmt je ijsblokken. En die smelten. Soms gaat dat snel, soms gaat dat traag. Soms is het resultaat nauwelijks voelbaar, soms spectaculair. Maar het klopt: hoe groter de blokkade, des te groter de opluchting als die vrijkomt. Net zoals een grote ijsklomp veel smeltwater oplevert, zo levert een grote blokkade die vrijkomt een massa energie op die je in mooiere dingen kunt investeren. Voortdoen is de boodschap. Lize Spit heeft gelijk: het smelt.


Bron : dagnotities Tom Hannes fb